20190509 PB Ontwrichte zones

Fusie of overname van bedrijf betekent niet langer ontwrichte zones steun terugbetalen

donderdag 09 mei 2019

LAATSTE VAN 5 DOOR VKW LIBMURG GESIGNALISEERDE KNELPUNTEN NU OOK WEGGEWERKT

Vandaag publiceerde het Belgisch Staatsblad een koninklijk besluit dat verdere uitvoering geeft aan de sinds september in voege getreden optimalisatiewet voor de zogenaamde ‘ontwrichte zones’ (steun aan werkgevers die investeren en nieuwe jobs creëren in een zone in moeilijkheden). Voortaan zal de fusie van een bedrijf niet langer betekenen dat men de steun verliest en zou moeten terugbetalen. Hetzelfde geldt voor bedrijven waarvan de bewuste investering wordt ingebracht of overgedragen in een andere vennootschap. De nieuwe vennootschap waar de investeringen en de bijhorende jobs in worden ondergebracht kan voortaan worden gelijkgesteld met de vennootschap die eerder de steunaanvraag deed. Ook voor bedrijven die in het verleden op dit probleem stootten kan een herziening van de eerder ingediende bedrijfsvoorheffing gevraagd worden. Daarmee is het laatste van vijf door VKW Limburg aangeklaagde problemen rond de Ontwrichte Zones steun nu ook weggewerkt.

Sinds 1 september gingen een reeks aanpassingen en vereenvoudigingen die door VKW Limburg succesvol werden belobbyd al in voege. Sindsdien kan de steun tot 3 maanden na de voltooiing van de investering aangevraagd worden en mag binnen een groep van bedrijven de investering door een andere vennootschap gebeuren dan de vennootschap die de nieuwe arbeidsplaatsen creëert. Ook werd de referentieperiode om te bepalen of het om nieuwe tewerkstelling gaat aangepast naar de gemiddelde tewerkstelling van de 12 maanden voor de aanvraag van de steun en werd verduidelijkt dat de vrijstelling niet kan gecumuleerd worden tijdens overuren.

De optimalisatiewet bepaalde, na tussenkomst van VKW Limburg, ook al dat bedrijven die een fusie (of splitsing of soortgelijke verrichting) ondergaan en zo in een andere vennootschap terechtkomen, maar zowel de investering als de extra jobs i.h.k.v. deze steunmaatregel gewoon behouden, dit voortaan zouden kunnen aangeven, waardoor zij de steun niet langer dreigen te verliezen. Hiervoor diende echter nog een koninklijk besluit te worden gepubliceerd over de manier waarop die melding dient te gebeuren. De betrokken bedrijven zullen hiervoor binnenkort (vanaf 10 dagen na publicatie van het KB) een speciaal formulier kunnen indienen.

Ruben Lemmens, gedelegeerd bestuurder VKW Limburg: “De regeringsperikelen en de wisselingen op het kabinet Financiën vertraagden het uitvaardigen van dit belangrijke uitvoeringsbesluit, maar we zijn blij dat het er nu toch eindelijk is. Hierdoor zijn nu alle praktische knelpunten en onduidelijkheden die het onze bedrijven moeilijker dan nodig maakten om een dossier in te dienen, weggewerkt. Wij hebben geen moeite gespaard om die belemmeringen duidelijk te maken en aan te dringen om ze weg te werken. Gelukkig kunnen nu ook de laatste aanpassingen van start gaan. We danken minister De Croo voor de geleverde inspanningen om de laatste loodjes tot een goed einde te brengen.”

Johan Schildermans, manager belangenverdediging: “De recente aanpassingen maken het voor onze Limburgse bedrijven eenvoudiger om van de Ontwrichte Zones-steun gebruik te maken. We roepen de Limburgse KMO’s dan ook op om voor de resterende de periode dat de maatregel voor Limburg nog in voege is (tenzij verlenging is dit tot eind april 2021) er zo ruim mogelijk gebruik van te maken. Best is om bij iedere investering waarbij extra jobs gemoeid zijn deze steunmogelijkheid na te gaan, want met de nieuwe zone rond Zaventem, de bestaande rond Turnhout en de vier in Wallonië, is het vandaag eerder een concurrentieel nadeel als je er als Limburgse KMO géén gebruik van maakt.”

De ‘ontwrichte zones’-steun zorgt ervoor dat alle KMO’s op bedrijventerreinen in onze provincie en in sommige gevallen ook grote bedrijven, die nieuwe jobs creëren door te investeren, een kwart van de bedrijfsvoorheffing niet dienen door te storten. Dat komt overeen met een loonkostbesparing van om en nabij de 5%.